| 2 | vlokken op haar huid
smelten van melancholie
de hete aarde
|
| 3 | Hagelwit vallend
voeten wielen en dies meer
de bruine dood
|
| 4 | de winterkoning
zoekt naar kriebelbeestjes
in de witte sneeuw
|
| 5 | Eenzame stilte
Een donkergrijs wolkgezicht
Huilt witte tranen
|
| 6 | Broos blinkende sneeuw
Diamanten deken showt
wandelprofielen
|
| 7 | in het winters riet
besneeuwde baardmannetjes –
zingend ijs
|
| 8 | knerpende stappen
laarzen laten sporen na
naast hondenpootjes
|
| 9 | Als het kouder wordt
hoop ik elke keer op sneeuw
maar het blijft te warm
|
| 10 | sneeuwtapijt
een voetspoor
achtervolgt mij
|
| 11 | door de witte buik
zakt een wortel verder
op zijn dooie gemak
|
| 12 | sneeuwganzen dragen
een fonetisch gedicht op
aan de weergoden
|
| 13 | natuur op het doek
de schilder verft drie stippen
'poolvos in de sneeuw'
|
| 14 | Kijk naar de hemel
Kinderen rennen lachend
stapvoets valt de sneeuw
|
| 15 | zelfs de smidse
is onhoorbaar –
sneeuw
|
| 16 | Vlokken van vrede.
Leg alle wapens nu neer.
Sneeuwballengevecht!
|
| 17 | kleurloze wereld
wit als kerkhofchrysanten
adem de stilte
|
| 18 | Zachte vlokken zweven,
Stilte dekt de wereld toe,
Wit tapijt van rust.
|
| 19 | Mooi koud wit vlokje
Daalt neer op mijn warme tong
Wat een sensatie
|
| 20 | mijn voetsporen
alweer verdwenen
sneeuw op sneeuw
|
| 21 | een witte wereld
mijn knerpende voetstappen
kraken de stilte
|
| 22 | winterzon —
ik doorbreek de stilte
stap voor stap
|
| 23 | Gebroken witte
Slecht dekkende sneeuwresten
Tonen ondergrond
|
| 24 | met de sneeuw
blijft ook de stilte liggen –
vredige wereld
|
| 25 | aardige akker
in smalle dunne gleuven
wijkt sneeuw voor water
|
| 26 | Dwarrelend bedekt
Een laag sneeuw van schaamte
Het verborgen binnenste
|
| 28 | Schotse hooglander
Kniediepe sporen in de sneeuw
Dikke vacht houdt haar warm
|
| 29 | hemelse vlokjes -
hoe luchtig ze dwarrelen
op weg naar hun... dooi
|
| 30 | motsneeuw
met het mandje weer naar huis
je lijfje te stil
|
| 31 | Een stijgende zon;
krakende ijskristallen,
smeltende kazen.
|
| 32 | Kleurloze dagen
De winter vergeet te sneeuwen
Rolt zich op in de wind
|
| 33 | bloesem in de sneeuw
goede tijd maar foute plaats
of juist andersom
|
| 34 | Dempend sneeuwdeken,
Verstomd dagelijks geluid,
Stilte in de val.
|
| 35 | sneeuw dwarrelt omlaag
langzaam verdwijnt de tuin
en zo ook de tijd
|
| 36 | Duizenden kruizen
stil in de spierwitte sneeuw
waar nieuw leven wacht.
|
| 37 | De lucht zwaar en grijs
Vlokken dwarrelen helder
Tijd voor een sneeuwman
|
| 38 | Net mijn slee verkocht
staat De Winter voor de deur –
een échte sneeuwman.
|
| 39 | Het is december.
Kerstmis is geen haikuwoord.
Sneeuwpop wel, en sneeuw.
|
| 41 | Shiori
Neutraliteit zakt nederig betuigend
Applicaties der opmaak
Verlaten geliefd taupe oorspronkelijkheid
-Miranda
|
| 42 | kort duurt de dag
op de zonnewijzer
een laagje sneeuw
|
| 43 | ze bouwden
een iglo voor de hond;
gele sneeuw
|
| 44 | Sneeuw nog op de gracht
schrijlings langs de horizon
eerste voorjaarsbries
|
| 45 | sneeuw op zondag
de pastoor chartert
een afvallige
|
| 46 | Diepsneeuwklokjesfun
Binnenkort weer feest!
Skiën, rodelen en Schnaps
Diepsneeuwklokjesfun
|
| 48 | als het is winter
is er d e vraag groot of het
toch wel gaat sneeuwen
|
| 49 | Op winterdagen
dagen meeuwen kraaien uit
de zon schijnt schuchter
|
| 50 | lief glinster laagje
op mijn winter pampus gras
fier staan de pluimen
|
| 51 | vier duiven
achter elkaar in de sneeuw-
een polonaise
|
| 53 | lente in 't verschiet
nu nog even genieten
sneeuw wordt weer water
|
| 54 | Troosteloos vragen
Slapeloos geluid water
Kat spel winterhout
|
| 55 | haar rode borstje
steekt mooi af tegen de sneeuw
een lust voor het oog
|
| 56 | ijs omarmt de grond
het gras aanvaardt wacht met ons
tot de lente komt
|
| 57 | de hemel vlokt sneeuw
zacht landt ze op mijn wimpers
zie de lente niet
|
| 58 | smetteloze vacht
de nattigheid verdwijnt vlug
ik kus je intens
|
| 59 | Dwarrelende sneeuw,
existentie in elk vlok,
niets smelt ongezien.
|
| 60 | een kras op het ijs
een streep in de lucht gewaaid
kou trekt in mij op
|
| 61 | Ik zie je, zwarte
takkenschurk. De sneeuw kleurt je
van vogel naar kraai.
|
| 62 | Pootafdruk in sneeuw
Schitterend in het maanlicht
Vereeuwigt in ijs
|
| 63 | Stoere (b)engeltjes –
schudden hun dekbedden op;
sneeuw tot aan de kin.
|
| 64 | Hout bedekt met sneeuw
de stilte klinkt hier te luid
gedempt is de kou
|
| 65 | sneeuwballengevecht
vast gekneed en doelgericht -
ze raken mijn jeugd
|
| 66 | een vlokje sneeuw
ook nu blijft het niet liggen
op jouw sterfdag
|
| 68 | een sneeuwbal werpen
op een kale winterboom
zo lang geleden
|
| 69 | strooizout en wimpels
sommigen opgetogen
de vorst komt eraan
|
| 70 | ooit eens maagdelijk
dan tot stof teruggekeerd
blijf in gedachten
|
| 71 | Verborgen onder
dat bevroren sneeuwlandschap;
een gebroken tak.
|
| 72 | De prille krokus
buigt het kopje met ontzag,
ijzingwekkend kil.
|
| 74 | waar vlokken vallen
op het verlegen landschap
witte listigheid
|
| 75 | De zon slaapt boven
dansende sneeuwkristallen
die stilte breken.
|
| 76 | wintersneeuw hoezo
alleen maar hete regen
de wereld staat blank
|
| 77 | een flits turquoise -
uit het niets de ijsvogel
wég is mijn goudvis
|
| 78 | winters hangt de bui
boven maartse kraamkamers
wilg werpt haar katjes
|
| 79 | sporen in de sneeuw
vertellen veel verhalen
kriskras door elkaar
|
| 80 | kostbaar wit poeder
maakt even alles mooier
een deken van sneeuw
|
| 81 | witte achtertuin
gelijk een leeg schildersdoek
blije kinderstem
|
| 82 | Vlonkerend wit zweeft
Dwarrelend en wel zo koud
Naar beneden toe
|